Afstand van loon via een dading, wat nu met de sociale-zekerheidsbijdragen?

Sociale-zekerheidsbijdragen worden berekend op basis van het loon van de werknemer. Overeenkomstig artikel 2 van de Loonbeschermingswet wordt onder loon verstaan (i) het loon in geld en de in geld waardeerbare voordelen (ii) waarop de werknemer recht heeft (iii) ingevolge de dienstbetrekking (iv) ten laste van de werkgever.

Van ‘loon’ in de zin van de Loonbeschermingswet is met andere woorden sprake zodra de werknemer recht heeft op een vergoeding (ingevolge de dienstbetrekking ten laste van de werkgever), ook al wordt die vergoeding hem nooit effectief uitbetaald. In een arrest van 18 november 2002 oordeelde het Hof van Cassatie dan ook dat, wanneer aan de werknemer effectief loon verschuldigd is, daarop sociale-zekerheidsbijdragen moeten worden betaald, ook al doet de werknemer afstand van het loon of maakt hij er niet verder aanspraak op (Hof van Cassatie, 18 november 2002, S.02.006.N). In een arrest van 18 januari 2016 diende het Hof van Cassatie zich opnieuw over dit onderwerp uit te spreken.

Overeenkomst voor het verstrijken van de beroepstermijn

Deze keer boog het Hof zich over een procedure waarbij de arbeidsrechtbank het ontslag wegens dringende reden van de werknemer had afgewezen en de werkgever had veroordeeld tot een opzeggingsvergoeding van 9 maanden loon. Vóór het verstrijken van de beroepstermijn hadden de werknemer en de werkgever een dading gesloten, waarbij de werknemer genoegen nam met een opzeggingsvergoeding van 6 maanden loon, zijnde het toenmalige wettelijk minimum, en de werkgever afstand deed van zijn recht op hoger beroep.

De RSZ was evenwel van mening dat deze dading niet aan hem kon worden tegengeworpen en vorderde, onder verwijzing naar het cassatiearrest van 18 november 2002, sociale-zekerheidsbijdragen op de door de rechter toegekende opzeggingsvergoeding van 9 maanden loon.

Het Hof van Cassatie oordeelde evenwel dat de dading rechtsgeldig tot stand kwam en derden, zoals de RSZ, de gevolgen daarvan moeten erkennen. Dat het recht op sociale-zekerheidsbijdragen de openbare orde raakt, doet hieraan volgens het Hof van Cassatie geen afbreuk. Bijgevolg kon de RSZ slechts sociale-zekerheidsbijdragen vorderen op de opzeggingsvergoeding van 6 maanden loon en niet op de door de rechter toegewezen opzeggingsvergoeding van 9 maanden loon.

Sociale-zekerheidsbijdragen kunnen toch op volledige loon

De beslissing van het Hof van Cassatie is niet onlogisch. Bij het afsluiten van de dading had de werknemer immers nog geen ‘recht’ op de opzeggingsvergoeding van 9 maanden loon. De werkgever had nooit erkend dat de werknemer recht had op een opzeggingsvergoeding en het vonnis van de arbeidsrechtbank had – gelet op de nog lopende beroepstermijn – nog geen ‘kracht van gewijsde’. Het Hof beperkt zich in het arrest ook uitdrukkelijk tot de hypothese waarin de rechterlijke uitspraak nog open staat voor hoger beroep.

Ook na het arrest van het Hof van Cassatie van 18 januari 2016 kan de RSZ dus nog steeds sociale-zekerheidsbijdragen vorderen op vergoedingen (bijvoorbeeld op opzeggingsvergoedingen) die aan de werknemer verschuldigd zijn, maar waarvan deze afstand doet of waarop deze niet verder aanspraak maakt. Het Hof van Cassatie lijkt niet te zijn afgeweken van zijn eerdere arrest van 18 november 2002.

In dit geval draaide de zaak voor de werkgever echter positief uit, omdat de werknemer vóór het verstrijken van de beroepstermijn genoegen nam met een lagere opzeggingsvergoeding, meer bepaald het wettelijk minimum. De door de rechter toegekende opzeggingsvergoeding van 9 maanden was op dat ogenblik nog niet verschuldigd. Indien de beroepstermijn al verstreken was geweest, had de RSZ wel degelijk sociale-zekerheidsbijdragen op de door de rechtbank toegekende opzeggingsvergoeding kunnen vorderen, ongeacht de tussengekomen dading.

Hof van Cassatie, 18 januari 2016, S.13.0016.N

Auteur: Wouter Van Loon (Claeys & Engels)


Manager HR BP

Meat & More

Aanmelden

Als lid van HR Square hebt u ook de mogelijkheid de digitale versie alsook de archieven van het tijdschrift te raadplegen via onze website.

Workshop

Loïc Vlassakoudis

Vivalia

Loïc Vlassakoudis est Directeur des Ressources Humaines chez Vivalia, l’organisation intercommunale luxembourgeoise qui regroupe 7 sites hospitaliers, une polyclinique et des différentes maisons de repos. Situé entre le Grand-Duché et la France, et dans un secteur où la guerre des talents fait déjà rage, Loïc va expliquer comment Vivalia parvient néanmoins à attirer et à fidéliser une équipe motivée, pour qui satisfaction au travail et bien-être sont des priorités.

Workshop

Pierre Leman

Cliniques universitaires Saint-Luc

Politique de gestion de l’absentéisme à Saint-Luc face à la nouvelle règlementation

Le secteur des soins de santé est traditionnellement confronté à des taux d’absentéisme élevés, ce qui n’est pas une fatalité ni une réalité au sein des Cliniques universitaires Saint-Luc. Par ailleurs, un ensemble de nouvelles mesures et obligations en la matière sont entrées en vigueur.  Dans ce cadre, un projet pilote a été lancé en 2025 à Saint-Luc afin de mieux gérer l’absentéisme au travers de sa politique « Cultiver le lien » et de ses outils. Fort de son succès, l’hôpital a décidé de déployer sa nouvelle approche à l’échelle de toute l’institution dès 2026.  Dans son keynote,  Pierre Leman, Directeur des Ressources Humaines aux Cliniques universitaires Saint-Luc, présentera en détail cette nouvelle politique de gestion de l’absentéisme.

Ben jij klaar om helemaal mee te zijn in de wereld van HR? HR Square Nieuwsbrief brengt je tweewekelijks een overzicht van de belangrijkste feiten, trends en gebeurtenissen in HR-land.

Bovendien krijg je een handige lijst van must-attend HR-events, zodat je niets hoeft te missen.

Gratis in je mailbox. Het enige wat je hoeft te doen is je registreren!