Niet voor de hele groep
In tegenstelling tot de automatische loonindexering, hebben werkgevers wel een rechtstreekse invloed op de tweede oorzaak van hoge lonen. Bij het toekennen van loonsverhogingen aan jongere werknemers moeten werkgevers een afweging maken tussen de korte-termijnvoordelen (motivatie, retentie, ontwikkeling,…) en de mogelijke gevolgen op langere termijn.
Hoewel hogere lonen bij oudere werknemers dus vaak gegroeid zijn doorheen de carrière, is een eenzijdige beslissing om de loonkosten van een hele groep enkel op basis van hun leeftijd te verminderen niet de beste optie. Zulke beslissingen worden beter op individuele basis en in onderlinge overeenstemming genomen, rekening houdend met de specifieke context. Oudere werknemers die op het einde van hun carrière minder verantwoordelijkheden willen, kunnen hier bijvoorbeeld voor in aanmerking komen.
Bovendien bestaan er in België alternatieve oplossingen voor het verminderen van de loonkosten van een oudere werknemer, bijvoorbeeld het aanbieden van tijdskrediet of deeltijds werken. Zo blijft de kennis van de werknemer ter beschikking van het bedrijf en kan de werknemer zijn of haar uitstap uit het bedrijfsleven geleidelijk opbouwen. Deze alternatieven zullen positiever onthaald worden en niet leiden tot een potentiële vermindering van de motivatie.