Het gaat om een erkenning van een arbeidsongeval bij alle gewelddelicten, gepleegd als vergelding ten opzichte van werknemers buiten de uitoefening van hun functie, maar omwille hun functie. De erkenning bestond reeds voor een groot deel bij de publieke sector, maar niet in de privé sector: het gaat over het herstellen van het evenwicht tussen de twee regimes.
Een fysieke aanval tegen een HR-directeur door een ontslagen werknemer of een bankdirecteur die thuis gegijzeld wordt omdat men de sleutels en codes van de bankkluis wil ontfutselen, zijn enkele voorbeelden van gewelddaden die voortaan erkend worden als arbeidsongevallen.
Dit gebeurt op dezelfde manier als het geweld tegen politieagenten, sociale inspecteurs, de gemeentelijke ambtenaren of leraren buiten hun werkplaats en werktijden, maar als gevolg van een handeling of een beslissing die hij nam als onderdeel van zijn werk.