Zorgnet Vlaanderen zette vervolgens enkele strategische bakens uit voor de zorgondernemers, maar vraagt daarbij dat ook de overheid haar verantwoordelijkheid neemt en een coherent masterplan uitwerkt voor een duurzaam ouderenzorgbeleid. Zes randvoorwaarden voor zo’n masterplan werden geformuleerd:
1. Zorg voor ouderen is de verantwoordelijkheid van iedereen. Zelfzorg, mantelzorg, buurtzorg en vrijwilligershulp kunnen ertoe bijdragen dat ouderen langer en gezond oud worden in hun vertrouwde omgeving, omringd door hun dierbaren. Ook wanneer ze nood hebben aan zorg. Het uitstellen van professionele zorg kan bovendien een positief effect hebben op de (collectieve) zorguitgaven.
Wanneer professionele zorg toch vereist is, moet deze cliëntgericht, menslievend, efficiënt en innovatief zijn. Duurzame zorgondernemers creëren meerwaarde voor de cliënt, en stemmen voortdurend af over de evoluerende behoeften aan zorg. Kwaliteit en deugdelijk bestuur worden zichtbaar gemaakt door geobjectiveerde (zelf)evaluatietrajecten. Zorgondernemers streven ernaar een magnetische werkomgeving te zijn die investeert in de medewerkers en ervoor zorgt dat ze trots zijn op hun job.
De overheid speelt een belangrijke rol in het wegwerken van juridische hindernissen bij de opzet van nieuwe werk-organisatievormen en de opzet van energieke sensibiliseringscampagnes voor werken in de zorg. Ook in het preventiebeleid, de ondersteuning van informele zorg en het voorzien van een deugdelijke en werkbare regelgeving is haar positieve inbreng noodzakelijk. Bij regelneverij en tijdverslindende procedures is immers niemand gebaat.
2. Een nieuw financieringssysteem voor de ouderenzorg mag hierbij niet ontbreken, waarbij:
3. Vandaag is er nood aan een concrete meerjarenbecijfering, niet alleen over de demografische evolutie maar vooral over de nood aan wonen, welzijn en zorg dat dit met zich meebrengt. Op vandaag blijft het koffiedik kijken naar het zorgaanbod (zorgprofessionals, infrastructuur, zorgvormen) dat we in de toekomst moeten voorzien.
4. De overheid moet instaan voor een solide, rechtvaardige en solidaire financiering van maatschappelijk verantwoorde basiszorg voor iedereen. Daarbij moet ze zich de vraag stellen welke basiszorg ze wil financieren met publieke middelen. Wat beschouwen we als aanvullende (bijv. de kapper) of preferentiële (ruimere verblijfplaats) dienstverlening waarvoor de oudere zelf dient te betalen?
5. Willen we een concreet zicht op hoeveel zorgpersoneel en infrastructuur vereist zullen zijn om de nodige zorg te realiseren, dan is ook een raming broodnodig van de evolutie van de omvang van die basiszorg.
6. Eens de woon-, welzijn- en zorgbehoeften van ouderen in kaart zijn gebracht, moet de overheid concrete doelstellingen formuleren, continu opvolgen en bijsturen waar nodig.
Zelfs al zet Vlaanderen de komende tien jaar meer in op mantel- en zelfzorg, dan is er volgens Zorgnet Vlaanderen nog steeds nood aan ongeveer 14.000 extra woongelegenheden tegen 2020. Het is dus cruciaal dat alle regeringen zich samen engageren voor een proactief meerjarenbeleid, over verschillende beleidsdomeinen en regeringsperioden heen.
Bron: Weliswaar, Medinews.