De economist Adrian Cadbury was van 1965 tot 1989 voorzitter van Cadbury, vervolgens Cadbury Schweppes. Tot 1994 was hij ook bestuurder bij de Bank of England en IBM. In december 1992 publiceerde hij als voorzitter van het UK Committee on the Financial Aspects of Corporate Governance het zogenaamde Cadbury Report and Code of Best Practice, een referentiedocument. Hij adviseerde ook de OESO en publiceerde over het onderwerp.
Tijdens de conferentie van het Britse Chartered Institute of Personnel and Development (CIPD) in oktober jl. wees Cadbury de HR-professionals op het belang van hun rol: “Het bedrijfsbeleid inzake sociale verantwoordelijkheid maakt integraal deel uit van de wijze waarop de onderneming haar business stuurt en beheert. Daarom is het duidelijk een opdracht van de raad van bestuur, die een beroep zal doen op de HR-directeuren voor leiding en richtlijnen.”
Corporate governance is volgens de eredoctor – zelf ooit nog personeelsdirecteur geweest in een Cadbury-fabriek – in essentie een zaak van doorzichtigheid en openbaarheid. Een efficiënt sociaal beleid is gebaseerd op betrokkenheid, duidelijkheid en consistentie met de bedrijfswaarden. Het is – onder andere – een nuttig hulpmiddel voor het aantrekken en behouden van capabele medewerkers.
Cadbury wil ‘corporate social responsibility’ echter niet verplichten: “Ik geloof dat het belang van de samenleving niet ligt in opgelegde normen voor sociale verantwoordelijkheid, maar wel in de eerlijke onthulling van doelen en waarden. Zo kunnen investeerders, klanten en werknemers zelf een geïnformeerde keuze maken. Het ongemeend ophouden van schone schijn dient noch de belangen van de onderneming, noch deze van de maatschappij.”