Zo heeft het merendeel van de kmo’s, 70 procent, geen systematische werving- en selectieprocedure. De helft van de kmo’s gebruikt geen functiebeschrijvingen.
Nog opvallend is dat in 60 procent van de middelgrote ondernemingen de bedrijfsleider zelf beslist over vacatures en aanwervingen. Spontane sollicitaties, uitzendkantoren en de VDAB zijn de meest gebruikte wervingskanalen.
Een vijfde van de kmo-werkgevers is wel bereid zijn kennis van HR bij te spijkeren. Ze doen dit bij voorkeur via infosessies van werkgeversorganisaties, sociale secretariaten, netwerken en VDAB. De interesse gaat daarbij vooral uit naar het motiveren en coachen van medewerkers.
Grote zelfstandigheid
Een formele aanpak van het personeelsbeleid ontbreekt meestal. Zowel het aanwerven, het werkgeversoverleg en de arbeidsorganisatie gebeuren veelal soepel en informeel. In 4 op de 5 kmo’s krijgen werknemers een vrij grote zelfstandigheid. In 43 procent van de ondernemingen kan het personeel de eigen manier van werken zelf kiezen. Bij drie vierden van de werknemers is sprake van veel afwisseling in het werk.
Ook de beoordeling van de werknemers door de werkgever is veelal informeel. De meeste bedrijfsleiders beoordelen hun medewerkers minstens één keer per jaar. Voor het overige staat de deur naar eigen zeggen ‘altijd open’ en is de ‘drempel laag’.
Hoge betrokkenheid en participatie
Van de kmo’s voorziet 60 procent opleiding voor werknemers. Een vijfde van de kmo’s heeft een systeem van variabele beloning. Kmo’s scoren hoog qua betrokkenheid, 75 procent van de bedrijfsleiders geeft medewerkers inspraak bij belangrijke beslissingen.
Desondanks is het verloop in kmo’s vrij groot. Vooral middelgrote bedrijven en industriële bedrijven kampen met een hoog verloop. Opmerkelijk daarbij is dat iets meer dan de helft van de werknemers die weggaan als zelfstandige starten in dezelfde sector. Slechts een kwart verlaat de onderneming omwille van werkonzekerheid.
Neutraal over vakbond
Kmo-werkgevers hechten relatief weinig belang aan de invloed van de vakbonden in de organisatie. Bijna 40 procent erkent het belang van vakbonden en vindt overleg de moeite waard. Een kleine helft (55 procent) zegt ook rekening te houden met vakbondsvoorstellen.
Kmo’ers zeggen dat ongeveer 60 procent van hun werknemers lid is van een vakbond. Twee derde van de kmo’s ervaart respect tussen bedrijfsleider en vakbondsvertegenwoordiger. De studie toont bovendien aan dat de relatie met de vakbond in kmo’s beter is dan dat doorgaans geschetst wordt in de media.
Bron: Unizo