De cijfers hebben betrekking op de eerste helft van 2012. Het onderzoek vergeleek de tevredenheid van werknemers bij organisaties die nog volledig traditioneel werken (13 organisaties, totaal 22.099 medewerkers) met organisaties die het nieuwe werken aan het doorvoeren zijn (16 organisaties, 13.179 medewerkers) en organisaties die dat proces hebben afgerond (65 organisaties, 35.563 medewerkers).
Tijdens het transitieproces naar plaats- en tijdonafhankelijk werken lijkt de tevredenheid van medewerkers tijdelijk te stijgen. Maar eenmaal ‘het nieuwe werken’ volledig is doorgevoerd, zakt de tevredenheid weer wat.
De hogere tevredenheid over collega’s en leidinggevende is blijvend. Volgens de onderzoekers komt dit door het proces van loslaten en vertrouwen geven. Dat voelt goed.
De tevredenheid over de ontwikkelingsmogelijkheden komt na het implementeren van ‘het nieuwe werken’ opnieuw op het oorspronkelijke niveau. De tevredenheid over de organisatie en de arbeidsomstandigheden daalt licht. “Dat laatste komt vermoedelijk omdat het een hele klus is om de communicatie goed te regelen en ook wel omdat het flexibel en buiten de deur werken in de praktijk niet altijd zo ideaal blijkt te zijn als het in eerste instantie lijkt”, aldus de onderzoekers.
Toch zien ze in het onderzoek geen pleidooi om terug te keren naar het ‘oude werken’. Het zou leiden tot onvrede en verlies van aantrekkingskracht op nieuwe werknemers.
Bron: PW Intermediair