Wanneer een bedrijf in financiële moeilijkheden zit, kan er eventueel over loonsverlaging of het bevriezen van de lonen onderhandeld worden met de vakbondsafvaardiging en kan dit akkoord worden vastgelegd in een cao. De vakbonden zullen dan wel vragen dat alle werknemers een inspanning leveren, ongeacht hun leeftijd. Uiteraard dienen de sectorale minimumlonen steeds nageleefd te worden. Is er geen vakbondsafvaardiging, dan zal de werkgever zijn werknemers zelf moeten overtuigen. Hier speelt sociale druk uiteraard een grote rol.
Er is de laatste jaren ook steeds meer vraag naar het afschaffen van het automatisch stijgen van de lonen op basis van anciënniteit. Veel stemmen gaan op om de lonen afhankelijk te maken van de prestaties van de werknemer. In dat geval moeten er meetbare doelstellingen vooropgesteld worden, zodat de prestaties objectief geëvalueerd kunnen worden.
Blijven investeren in medewerkers
Om te vermijden dat oudere werknemers minder productief worden, moet de werkgever eerder investeren in die werknemers, zodat hun capaciteiten vermeerderen en de werklust toeneemt. De Belgische overheid heeft de eerste stappen al genomen om een verplicht werknemersplan voor 45-plussers in te voeren in de ondernemingen.
Een andere mogelijkheid om de werknemers over de streep te halen, bestaat erin na te gaan of je de werknemers iets in de plaats kan geven. Sommige oudere werknemers zijn bereid om een deel van hun loon in te leveren in ruil voor, bijvoorbeeld, bijkomende verlofdagen of deeltijds werk. Andere werknemers vinden hun functie misschien te zwaar en willen een stapje terug zetten, de ‘demotie’ of ‘remotie’. Hierbij krijgt de werknemer een lagere functie, maar tegelijkertijd een lagere werkdruk en meer vrije tijd. De werkgever betaalt een aangepast loon, maar behoudt wel de ervaring en de kennis van die werknemer.