Werkgevers leggen de lat niet te hoog. Mensen leggen de lat voor elkaar hoog. Als jij als HR-manager diensten koopt en de lat hoog legt, dan is het aan de leverancier om de lat hoog te leggen voor zijn medewerkers. We verwachten steeds meer waar voor ons geld en iemand moet dat dan wel waarmaken.
De arbeids- en rekruteringsmarkt zijn bovendien niet transparant. Er is zowel overschatting als onderschatting van potentieel. Ook de zelfkennis van de gemiddelde sollicitant is laag. Aan de sollicitatietafel zijn de maskers troef en de beloftes enorm. Drie weken later schrik je van de lage zelfredzaamheid en het lage relatievermogen met collega s. De verwachtingen naar loon en extralegale voordelen zijn dan weer irrealistisch. En dan zijn er nog twee extremen: ofwel geen zelfzorg ofwel heel veel zelfzorg.
Als werknemers zich bewust worden van hun individuele bijdrage aan de bedrijfsvisie, verhoogt de betrokkenheid zonder dat de lat te hoog ligt. Zowel de werkgever als de werknemer moet zich meer bewust worden van het effect dat een bepaalde job heeft op het succes van het bedrijf. Het weloverwogen en duidelijk kaderen van een job en de plaats van deze job binnen de bedrijfsvisie ondersteunt iedereen om te bepalen wat nodig is om als werknemer het gevoel te hebben dat de job juist ingeschat wordt.
Soms hoor ik cowboyverhalen waarbij werknemers echt niet meer goed inschatten wat nodig is in de job en wat details zijn die het werk complexer maken en de bureaucratie dienen, maar die geen toegevoegde waarde meer hebben voor het bedrijfsresultaat. Gedetailleerd en perfectionistisch werken is echt geen cadeau in het bedrijf. En niemand is daar vragende partij voor. Misschien moeten we meer werken aan een juiste zelfinschatting en een juiste inschatting van de job. De kernvraag wordt: welke taken zijn echt nodig en welke zijn te gedetailleerd, waardoor ze overdreven aandacht vragen, wat niet vol te houden is?
Een logboek bijhouden van je taken gedurende drie weken kan helpen, een buddysysteem om elkaar eens per week te bevragen op efficiëntie ook. We hebben nood aan overzicht en interne rust, zodat we niet te snel panikeren over ‘te veel werk’ – werk hebben is misschien wel belangrijker dan te klagen over te veel werk.