Redactie
De Hoge Raad voor de Werkgelegenheid (HRW), die arbeidsmarktexperten van de federale overheid, de gewesten en de academische wereld samenbrengt, publiceerde vandaag een stand van zaken omtrent de arbeidsmarkt in België. In het verslag worden vier prioriteiten meegegeven om beter om te gaan met de actuele uitdagingen. Tegelijk vraagt de Raad om het overheidsbeleid beter te evalueren en de bestaande gegevens beter te benutten.
Ondanks de economische vertraging blijft de Belgische arbeidsmarkt veerkrachtig, stelt de Raad in het verslag. Om deze veerkracht in de toekomst te behouden en versterken, moeten de veranderingen in verband met artificiële intelligentie en digitalisering, met de transitie naar een koolstofarme economie en met de vergrijzing gepaard gaan met meer mobiliteit tussen bedrijfstakken, stelt de HRW. Daarvoor moeten het werkgelegenheidsbeleid, de permanente opleiding en de steunmaatregelen voor beroepsmobiliteit worden aangepast. De belangrijkste
Minder dynamische arbeidsmarkt
Na een groei met 1 procent in 2025 zou de Belgische economie in 2026 volgens de macro-economische projecties van juni minder sterk groeien, met 0,6 procent, als gevolg van de geopolitieke spanningen en de stijging van de energieprijzen.
De werkgelegenheid blijft toenemen, maar in een lager tempo. In 2025 steeg de binnenlandse werkgelegenheid met 0,4 procent, voornamelijk onder impuls van de dienstensector en de niet-marktactiviteiten. In de industrie en, in mindere mate, de bouwnijverheid blijven daarentegen banen verloren gaan.
De werkgelegenheidsgraad van de 20- tot 64-jarigen bedraagt inmiddels 72,8 procent, maar ligt nog altijd ruim onder de doelstelling van 80 procent tegen 2030. De verschillen tussen de gewesten blijven groot: in Vlaanderen ligt de werkgelegenheidsgraad op 77,3 procent, tegen 67,9 procent in Wallonië en 63,9 procent in Brussel.
In 2025 nam het aantal werkzoekenden toe met ongeveer 30 000 personen. De werkloosheidsgraad steeg zo van 5,8 procent in 2024 tot 6,2 procent in 2025 en zou volgens de macro-economische projecties van juni oplopen tot 6,6 procent in 2026.
Drie grote hervormingen
De federale regering lanceerde drie ingrijpende hervormingen met een impact op de arbeidsmarkt: de pensioenhervorming, nieuwe maatregelen voor langdurig zieken en de hervorming van de werkloosheidsuitkeringen. Die laatste maakt een einde aan de potentieel onbeperkte duur van de werkloosheidsuitkeringen in België. Voortaan wordt deze termijn beperkt tot maximaal twee jaar, afhankelijk van het beroepsverleden. Deze hervorming heeft betrekking op meer dan 200 000 personen.
De maximale termijn van de inschakelingsuitkering voor jongeren die op basis van hun studies worden toegelaten tot het werkloosheidsstelsel, wordt teruggebracht van drie jaar tot één jaar. Jongeren zonder diploma van het hoger secundair onderwijs zullen er geen recht meer op hebben.
De Raad onderzocht ook de eerste resultaten in verband met de terugkeer naar werk van personen die in deze eerste fase hun recht op een uitkering verliezen. Daaruit blijkt dat ongeveer 6 procent van de langdurige werklozen weer aan het werk gingen in de maand nadat hun recht op een uitkering was afgelopen (januari 2026). Dat is minder dan verhoopt: “Dit terugkeerpercentage zal mettertijd wellicht stijgen als blijkt dat deze eerste personen duurzame banen hebben gevonden”, stelt de Raad, die benadrukt dat het om voorlopige schattingen gaat, die betrekking hebben op mensen die al heel lang werkzoekend zijn en dus ver van de arbeidsmarkt af staan.
Vier prioriteiten
De Raad formuleert vier prioriteiten om de arbeidsmarkt te versterken en om in te spelen op de structurele veranderingen in verband met de ecologische transitie, de digitalisering, de ontwikkeling van artificiële intelligentie en de vergrijzing.
Ten eerste is het volgens de Raad essentieel om de participatie van jongeren, ervaren werknemers, migranten, personen met een handicap en langdurig zieken, evenals van vrouwen, te versterken.
Ten tweede moeten de stelsels van het initieel onderwijs verder worden verbeterd om gelijke kansen beter te waarborgen, zo stelt de Raad. Ook permanente opleiding blijft een essentiële hefboom om loopbaanontwikkeling gedurende het hele beroepsleven te bevorderen. Kortgeschoolden, in het bijzonder onder werkzoekenden en inactieven, maken er echter minder vaak gebruik van.
Een derde punt zijn de belemmeringen voor mobiliteit tussen beroepen, bedrijfstakken en gewesten, die weggenomen zouden moeten worden. “Daarvoor moet met name de toegang tot werkgelegenheidsgebieden worden verbeterd, via het openbaar vervoer en, waar relevant, via mobiliteitsoplossingen die werkgevers aanbieden. Het is ook belangrijk om de samenwerking tussen de gewestelijke diensten voor arbeidsbemiddeling te versterken en omscholingen te ondersteunen met behulp van een efficiënter systeem van permanente opleiding en het recht op een overzicht van vaardigheden vanaf 40 jaar.
Tot slot tikt de Raad ook zichzelf op de overheid en benadrukt het de noodzaak om het overheidsbeleid beter te evalueren en de bestaande gegevens beter te benutten. “De beschikbare administratieve gegevens moeten meer worden gebruikt en overheden en academische onderzoekers moeten er voor analyses en onderzoeken gemakkelijker toegang toe krijgen”, aldus de HRW.
LEES MEER OP HRSQUARE.BE