Het aantal fraudes door het hogere management is sinds 2007 fors toegenomen. Vier jaar geleden was dit nog 11 procent. Het aantal delicten door werknemers in de directe omgeving van het bestuur is vergeleken met 2007 met 11 procent gestegen.
Ook het aantal fraudes door de hoogste baas van de onderneming, de voorzitter van de Raad van Bestuur, blijkt fors te zijn gestegen. In 2011 was zijn aandeel 26 procent, een toename van 15 procent ten opzichte van 2007. In bijna de helft van de gevallen is de mannelijke fraudeur tussen de 36 en 45 jaar oud en is hij werkzaam binnen de financiële functie.
Doorgaans komt fraude pas na drie jaar aan het licht. Bovendien blijkt fraude meer en meer teamwerk te worden. In 2011 werkte de fraudeur in ruim 60 procent van de gevallen samen met een externe partij, meestal leveranciers en in mindere mate klanten. Vier jaar geleden was dit slechts 32 procent.
In 2011 werd in iets meer dan een vijfde van de fraudegevallen ruchtbaarheid gegeven aan het voorval. In iets minder dan de helft van de delicten werd wel intern gecommuniceerd over de fraude. Opvallend is dat er bij ruim de helft van de fraudegevallen een signaal van een delict was, maar werd slechts in 10 procent van de gevallen actie ondernomen.
Hebzucht blijft de voornaamste drijfveer om fraude te plegen. De fraudeurs ontvangen al een behoorlijke beloning. Uit de analyse blijkt ook nog dat de meerderheid van de fraudeurs werkzaam is bij de financiële afdeling of de afdeling verkoop en dat de fraude via de geautomatiseerde systemen gepleegd wordt.