Is informatie verkregen van nieuwe werkgever bruikbaar in geschil met ex-werknemer?

In deze zaak werd een werknemer ontslagen met een opzeggingstermijn van twee maanden. Het kwam vervolgens tot een geschil met de werkgever die de werknemer ervan beschuldigde de opzeggingstermijn niet naar behoren uit te voeren en hem voor de laatste maand niet meer uitbetaalde. De werknemer schakelde hierop de vakbond in die per brief het achterstallig loon voor de opzeggingstermijn vorderde en een vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag van 17 weken loon.

In zijn antwoordbrief merkte de werkgever onder meer op dat de werknemer bij zijn nieuwe werkgever soortgelijk gedrag vertoonde en daar intussen ook al ontslagen was. De werknemer zou door de rechtbank bovendien ook veroordeeld zijn geweest tot betaling van een schadevergoeding aan de nieuwe werkgever. De werknemer legde hierop een klacht neer tegen beide werkgevers bij de Gegevensbeschermingsautoriteit wegens een schending van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG of GDPR).

In het kader van de procedure voor de Geschillenkamer van de Gegevensbeschermingsautoriteit erkende de nieuwe werkgever dat hij mondeling informatie had verstrekt aan de vorige werkgever met betrekking tot de tewerkstelling. Het vonnis van de rechtbank waarvan sprake was echter niet mee overgemaakt. De Geschillenkamer oordeelde daarop dat de nieuwe werkgever de GDPR niet geschonden kon hebben omdat de louter mondelinge mededeling van informatie geen verwerking van persoonsgegevens uitmaakt. Hiervoor is immers vereist dat het gaat over een automatische verwerking van gegevens of een manuele verwerking van gegevens bestemd voor een bestand.

De GDPR was daarentegen wel van toepassing op de eerste werkgever, gezien deze de ontvangen informatie schriftelijk had meegedeeld aan de vakbond. De Geschillenkamer herinnerde er in dit verband vooreerst aan dat iedere verwerking van persoonsgegevens een rechtsgrond moet hebben. De eerste werkgever beriep zich in de procedure op de rechtsgrond ‘gerechtvaardigde belangen’. Dit vereist dat de verwerking noodzakelijk is voor het ingeroepen belang en dat de fundamentele rechten en vrijheden van de betrokkene (hier: de werknemer) niet zwaarder doorwegen.

De Geschillenkamer bevestigde in de beslissing uitdrukkelijk dat de verdediging tegen claims een gerechtvaardigd belang kan uitmaken. De Geschillenkamer oordeelde niettemin dat de verzameling en het gebruik van de informatie in dit geval onrechtmatig was omdat het niet noodzakelijk en proportioneel was. De informatie over de nieuwe tewerkstelling was volgens de Geschillenkamer immers irrelevant, omdat het geschil in hoofdzaak betrekking had op de ontslagredenen bij de eerste werkgever.

Hierover kan mijns inziens weliswaar discussie bestaan, gezien de werknemer eveneens werd beschuldigd van de niet-uitvoering van arbeidsprestaties tijdens de opzeggingstermijn en hij zich bij zijn nieuwe werkgever ook bleek onttrokken te hebben aan de uitvoering van arbeidsprestaties.

Uiteindelijk besliste de Geschillenkamer om de eerste werkgever enkel een berisping op te leggen en geen administratieve geldboete. De Geschillenkamer baseerde zich hiervoor onder meer op het feit dat de gegevens enkel schriftelijk waren meegedeeld aan één geadresseerde, nl. de vakbond die de betrokkene zelf vertegenwoordigde.

De beslissing van de Geschillenkamer bevestigt dat werkgevers in het kader van een geschil persoonsgegevens kunnen gebruiken die zij van andere partijen (bv. een nieuwe werkgever) verkrijgen. Er moet dan weliswaar over worden gewaakt dat de gebruikte gegevens relevant zijn voor het betrokken geschil. Verder zullen uiteraard ook alle andere verplichtingen van de GDPR moeten worden nageleefd.

Geschillenkamer Gegevensbeschermingsautoriteit, Beslissing 03/2020 van 21 februari 2020, www.gegevensbeschermingsautoriteit.be

Wouter Van Loon
Medewerker
Claeys & Engels

Manager HR BP

Meat & More

Aanmelden

Als lid van HR Square hebt u ook de mogelijkheid de digitale versie alsook de archieven van het tijdschrift te raadplegen via onze website.

Workshop

Loïc Vlassakoudis

Vivalia

Loïc Vlassakoudis est Directeur des Ressources Humaines chez Vivalia, l’organisation intercommunale luxembourgeoise qui regroupe 7 sites hospitaliers, une polyclinique et des différentes maisons de repos. Situé entre le Grand-Duché et la France, et dans un secteur où la guerre des talents fait déjà rage, Loïc va expliquer comment Vivalia parvient néanmoins à attirer et à fidéliser une équipe motivée, pour qui satisfaction au travail et bien-être sont des priorités.

Workshop

Pierre Leman

Cliniques universitaires Saint-Luc

Politique de gestion de l’absentéisme à Saint-Luc face à la nouvelle règlementation

Le secteur des soins de santé est traditionnellement confronté à des taux d’absentéisme élevés, ce qui n’est pas une fatalité ni une réalité au sein des Cliniques universitaires Saint-Luc. Par ailleurs, un ensemble de nouvelles mesures et obligations en la matière sont entrées en vigueur.  Dans ce cadre, un projet pilote a été lancé en 2025 à Saint-Luc afin de mieux gérer l’absentéisme au travers de sa politique « Cultiver le lien » et de ses outils. Fort de son succès, l’hôpital a décidé de déployer sa nouvelle approche à l’échelle de toute l’institution dès 2026.  Dans son keynote,  Pierre Leman, Directeur des Ressources Humaines aux Cliniques universitaires Saint-Luc, présentera en détail cette nouvelle politique de gestion de l’absentéisme.

Ben jij klaar om helemaal mee te zijn in de wereld van HR? HR Square Nieuwsbrief brengt je tweewekelijks een overzicht van de belangrijkste feiten, trends en gebeurtenissen in HR-land.

Bovendien krijg je een handige lijst van must-attend HR-events, zodat je niets hoeft te missen.

Gratis in je mailbox. Het enige wat je hoeft te doen is je registreren!