Levenslang leren: een stand van zaken

ArbeidsmarktLoopbaanTraining
Zowel op de werkvloer als voor onze persoonlijke ontwikkeling is blijven leren en bijscholen van cruciaal belang. Of en in welke mate dit effectief gebeurt in ons land, heeft de Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie nagegaan aan de hand van de Enquête Volwasseneneducatie (Adult Education Survey). In de eerste helft van 2008 onderzocht deze enquête de participatie van de volwassen bevolking van 25 tot 64 jaar aan diverse soorten opleidings- en vormingsactiviteiten.

Hoe hoog ligt de participatiegraad?

In totaal neemt 12 procent van de volwassenen nog steeds deel aan formele opleidingen. Ondanks het feit dat ze 25 jaar of ouder zijn, blijven deze volwassenen investeren in een erkend diploma of certificaat.
Wat de niet-formele opleidingen betreft, zien we dat 33 procent van de volwassenen participeert. Een groot deel van de respondenten geeft ook aan dat ze via zelfstudie aan informeel leren doen (35 procent).
Er zijn kleine verschillen in de participatiegraden van mannen en vrouwen. Interessant is de vaststelling dat meer vrouwen dan mannen aan formele opleidingen participeren. Het aandeel mannen daarentegen is beduidend hoger bij de niet-formele opleidingsvormen.

Wie zijn de deelnemers?

De deelname daalt wanneer de leeftijd toeneemt. De participatiegraad in niet-formele opleidingen, bijvoorbeeld, blijkt ruim 16 procentpunten lager te zijn bij 50-plussers vergeleken met 35-49-jarigen. De leeftijd bepaalt of men al dan niet deelneemt aan een opleiding.
De genoten opleiding zorgt eveneens voor duidelijke verschillen. Zo gaat een hoger diploma gepaard met een toenemende participatie. Hoogopgeleiden krijgen duidelijk veel meer kansen om aan een opleiding deel te nemen.
Alweer zijn de grootste discrepanties bij de niet-formele opleidingen waar te nemen. Terwijl 54 procent van de hoogopgeleiden aan een niet-formele opleiding deelneemt, participeert amper 15 procent van de laagopgeleiden.
Ook inzake sociale status merken we grote ongelijkheden. Werklozen nemen het meest deel aan formele opleidingen waarvan het diploma of certificaat erkend is. De inactieven op de arbeidsmarkt daarentegen participeren het minst aan opleiding en vorming.

Welke opleidingsvorm is het populairst?

Eén op vijf volwassenen heeft aan minstens één on-the-job-training deelgenomen. Dit blijkt ook de meest gevolgde niet-formele opleidingsvorm te zijn. On-the-job-trainingen worden steeds door de werkgever georganiseerd, meestal in de (onmiddellijke) werkomgeving. Daarna volgen de niet-formele cursussen en de seminaries/workshops: één op zes respondenten heeft er minstens één gevolgd. Afstandsonderwijs blijkt weinig populair te zijn onder de deelnemers aan niet-formele opleidingen (2,4 procent).

Wat zijn de redenen?

De reden om een opleiding te volgen blijkt doorgaans werkgerelateerd te zijn. Drie van de vijf deelnemers aan formele opleidingen geven aan dat het om een werkgerelateerde opleiding gaat. Bij de niet-formele opleidingen wijzen zelfs 85 procent van de deelnemers hun werk aan als reden.
Het belangrijkste motief van deelnemers aan niet-formele opleidingen blijkt in het belang van het werk zelf te liggen of te slaan op het vergroten van de carrièremogelijkheden (64 procent). Daarnaast is het duidelijk dat het verwerven van kennis en vaardigheden ook een rol heeft gespeeld bij het volgen van een niet-formele opleiding. Terwijl mannen de carrière als het belangrijkste motief zien bij het volgen van een opleiding, is bij vrouwen het verwerven van nuttige kennis duidelijk meer doorslaggevend geweest dan bij mannen.
Bij de formele opleidingen lijken werklozen en jongeren het meest geneigd te zijn om zich bij te scholen in het belang van hun huidige of toekomstige betrekking (respectievelijk 89 procent en 72 procent). Ouderen daarentegen (50-64-jarigen) geven veel minder het werk als motief op (35 procent).
Bij de niet-formele opleidingen nemen de werkenden het meest deel aan dit soort vorming (92 procent). Van de werklozen noteert 71 procent dat het om een werkgebonden opleiding gaat.

Bron: FOD Economie – Algemene Directie Statistiek en Economische Informatie

Senior Accountant

KoWala Productions

Aanmelden

Als lid van HR Square hebt u ook de mogelijkheid de digitale versie alsook de archieven van het tijdschrift te raadplegen via onze website.

Keynote

Eva Geluk

Antwerp Management School

La professeure Eva Geluk est titulaire de la chaire « Mental Health at Work » à l’Antwerp Management School. Elle est une experte très sollicitée dans les domaines du bien-être, de la prévention du burn-out et de la réintégration après une absence de longue durée.

Dans cette intervention, elle aborde en détail le bien-être mental et le rôle souvent négligé des dirigeants dans ce domaine. Comment veiller à ce que les collaborateurs se sentent bien dans leur peau ? Quelles sont les bonnes et les mauvaises pratiques qui renforcent ou, au contraire, sapent le bien-être mental des collaborateurs (et de leurs dirigeants) ? Et quel rôle revient aux responsables des ressources humaines ?

S’appuyant sur un cadre de référence scientifique et de nombreux exemples tirés de la pratique (Eva a interrogé plus de 70 cadres, responsables RH et employés dans le cadre de ses recherches), elle présente à Corporate Wellbeing le meilleur des deux mondes.

Workshop

Loïc Vlassakoudis

Vivalia

Loïc Vlassakoudis est Directeur des Ressources Humaines chez Vivalia, l’organisation intercommunale luxembourgeoise qui regroupe 7 sites hospitaliers, une polyclinique et des différentes maisons de repos. Situé entre le Grand-Duché et la France, et dans un secteur où la guerre des talents fait déjà rage, Loïc va expliquer comment Vivalia parvient néanmoins à attirer et à fidéliser une équipe motivée, pour qui satisfaction au travail et bien-être sont des priorités.

Workshop

Pierre Leman

Cliniques universitaires Saint-Luc

Politique de gestion de l’absentéisme à Saint-Luc face à la nouvelle règlementation

Le secteur des soins de santé est traditionnellement confronté à des taux d’absentéisme élevés, ce qui n’est pas une fatalité ni une réalité au sein des Cliniques universitaires Saint-Luc. Par ailleurs, un ensemble de nouvelles mesures et obligations en la matière sont entrées en vigueur.  Dans ce cadre, un projet pilote a été lancé en 2025 à Saint-Luc afin de mieux gérer l’absentéisme au travers de sa politique « Cultiver le lien » et de ses outils. Fort de son succès, l’hôpital a décidé de déployer sa nouvelle approche à l’échelle de toute l’institution dès 2026.  Dans son keynote,  Pierre Leman, Directeur des Ressources Humaines aux Cliniques universitaires Saint-Luc, présentera en détail cette nouvelle politique de gestion de l’absentéisme.

Ben jij klaar om helemaal mee te zijn in de wereld van HR? HR Square Nieuwsbrief brengt je tweewekelijks een overzicht van de belangrijkste feiten, trends en gebeurtenissen in HR-land.

Bovendien krijg je een handige lijst van must-attend HR-events, zodat je niets hoeft te missen.

Gratis in je mailbox. Het enige wat je hoeft te doen is je registreren!