Redactie/Belga
De Belgische loonkosten stijgen momenteel minder snel dan die in Duitsland, Frankrijk en Nederland, zo blijkt uit het jongste, tussentijdse verslag van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) voor de periode 2025-2026.
“We spreken daarom van een loonkostenhandicap die een neerwaartse evolutie vertoont en technisch gezien negatief is (-1 à -1,1 procent). De ramingen duiden er dus op dat de Belgische economie wat betreft de loonkostenontwikkeling momenteel geen verslechtering van de competitiviteit vertoont conform de Wet van 1996 (die dient om het concurrentievermogen te vrijwaren)”, staat in het persbericht van de CRB.
Het gaat nog maar om voorlopige cijfers, zonder directe impact op de loonmarge. Die wordt elke twee jaar bepaald en dient als basis voor het IPA, dat de loonevolutie in de private sector regelt.
Volgend jaar in februari wordt de volgende loonmarge vastgelegd. De CRB waarschuwt dan ook dat het tussentijds rapport gaat om “een momentopname; economische parameters kunnen in de komende twaalf maanden nog aanzienlijk wijzigen.” Daarnaast worden de berekeningen ook complexer “door de recente verlaging van de werkgeversbijdragen aan de sociale zekerheid” die een impact hebben op de loonkosten, zegt de CRB.
De afgelopen jaren, meer bepaald vanaf 2005, werd er daadwerkelijk een loonhandicap vastgesteld van Belgische bedrijven tegenover de buurlanden – onze belangrijkste handelspartners. “Die handicap bereikte een piek van 6 procent in 2009, waarna hij geleidelijk daalde tot -0,8 procent in 2019. Vervolgens ontstond er een loonhandicap in 2022 en in 2023, die toen tot 2,5 procent opliep. Hij begon in 2024 af te nemen en zal naar verwachting tegen 2026 uitkomen op -1 of -1,1 procent”, staat in het verslag.
“Gunstige evolutie”
De vakbonden zien in het jongste rapport van de CRB “eindelijk ruimte voor reële loonstijgingen”. Ze vragen ook dat de loonnormwet van 1996 zou worden hervormd. Het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) van zijn kant erkent dat de cijfers lijken te wijzen op een eerder gunstige evolutie. “Maar voorzichtigheid blijft geboden: de cijfers voor 2025 en 2026 blijven ramingen die met veel onzekerheden zijn omgeven en in de loop van het komende jaar nog sterk kunnen veranderen. Bovendien blijft de absolute/historische loonhandicap hoog (in 2024 bedroeg die nog altijd 10 procent) en staat de rentabiliteit van de ondernemingen onder druk, vooral in de industrie”, aldus het VBO in een persbericht.
LEES MEER OP HRSQUARE.BE
- “Het imposter syndrome is ook een klassenkwestie”
- Bijna 2 op de 3 werknemers komt snel in financiële problemen bij jobverlies
- Aantal arbeidswegongevallen met e-steps, e-bikes en speedpedelecs fors toegenomen in 2025
- Duurzaam inspelen op talenttekort: de strategische rol van arbeidsmobiliteit
- Cassatie verduidelijkt overgangsregeling: aanvang arbeidsovereenkomst primeert op aanvang anciënniteit