< Terug naar overzicht

Straffe HR-uitspraak: schaamte op de werkvloer

‘Schaamte op de werkvloer kent vele (toxische) gezichten’. Is dat helemaal juist? Is er nuance nodig? Of kan de wetenschap die straffe HR-uitspraak niet bevestigen? Professor Peggy De Prins (Antwerp Management School) ging op onderzoek…

Niets menselijker dan je af en toe te schamen. Situaties zijn legio: je maakt een blunder, je voelt je een vreemde eend in de bijt, je hebt het gevoel niet te voldoen of ‘te mislukken’. Schaamte is dan ook vaak geen prettig gevoel. Het voelt aan als toxisch. Het valt ook niet altijd goed te benoemen.

Gelukkig wordt onze schaamte-terminologie steeds rijker. Concepten als ‘body shaming’, ‘eco shaming’ en ‘#MeToo’ kennen maatschappelijk gezien een blitzcarrière. In de wereld van werk en arbeidsrelaties zien we iets analoogs. Termen als ‘job shaming’, ‘redundancy shame’, ‘vacation shaming’, ‘working mum shaming’, ‘burn-out shaming’, … maken er meer en meer opgang.

Peggy De Prins (Antwerp Management School)
“Als de reden van schaamte niet bij jezelf ligt, maar in de context, kan ook ‘emancipatie’ de ambitie zijn om – naar analogie met ‘body positivity’ – te pleiten voor meer ‘job positivity’ in de organisatie en op de arbeidsmarkt.” © GF

Job shaming

Sommige jobs kennen een hogere status dan andere. Zo’n hiërarchie wordt toxisch als het gevolg ervan is dat men neerkijkt op jobs met lagere status. Ik herinner mij dit levendig vanuit mijn eigen studentenjaren. Om een centje bij te verdienen, sprong ik af en toe bij als toiletdame in een plaatselijke discotheek. Ik kreeg dan vaak het gevoel om de minst begeerde en/of gewaardeerde service-taken te verrichten. Hoe later op de avond, hoe hilarischer, maar helaas soms ook hoe toxischer, de opmerkingen van het cliënteel.

Gebrek aan jobstatus is trouwens niet de enige bron van schaamte over de aard van het werk. Het kan ook gaan om schaamte omwille van een gebrek aan zinvolheid van de job, zogenaamde bullshit jobs. Uit AMS-onderzoek blijkt dat dertien procent van de werknemers de eigen job percipieert als een bullshit job (De Prins & Stuer, 2018). Deze jobs zijn niet per definitie jobs met lage status. In het voorbeeld van de toiletdames: zij verrichten misschien een weinig ‘sexy’, maar in vele gevallen géén overbodige job.

Help, ik heb vakantie gepland

Je schamen over de aard van je job is één, geen weg kunnen met gevoelens over de werkdruk binnen je job is twee. Individuele of collectieve werkdruk gevoelens blijken vakantieplannen soms in de weg te staan. Werkdruk geeft immers kortsluiting met het onbezorgde vakantiegevoel. Of omgekeerd: men neemt net wél vakantie op om achterstallig werk thuis in te halen. Men schaamt zich dan om vertragingen op het werk en haalt die thuis stiekem in. Een fenomeen dat in de literatuur wordt aangeduid met de term ‘leaveism’ (verlof-isme) (Hesketh et al., 2015). Naar schatting is dit voor één op drie werknemers wereldwijd geen onbekend fenomeen (Nauta, 2021).

Burn-out shaming

Te hoge werkdruk zonder afdoende buffering verhoogt het stress- en burn-outrisico. Fenomenen waarvan we weten dat ze op hun beurt een verhoogd schaamte-risico vertonen. Uit recent AMS-onderzoek blijkt dat vijftig procent van de werknemers die met burn-outgevoelens in het verleden te kampen had, vreest om te hervallen. Ze vrezen bovendien om ‘verbrand’ te zijn door wat ze hebben meegemaakt. Het kan daarbij gaan om zelfperceptie, maar ook om een vrees dat de omgeving op deze manier redeneert (Geluk & Stuer, 2020).

Schaamte bij ontslag

Je bent ontslagen en je schaamt je dood. Vooral een gedwongen individueel ontslag kan diepe wonden slaan. Je rouwt, het is vergelijkbaar met een verlieservaring waarbij een grote impact op de identiteit kan volgen. Er is hierbij een verband tussen de ernst van rouwklachten en de manier waarop iemand is ontslagen. Hoe meer iemand zijn ontslag ervaart als onverwacht, onrechtvaardig en oncontroleerbaar, hoe groter het risico is op gecompliceerde rouwklachten (Van Eersel et al., 2019).

Thuiswerken in deze corona-tijden maakt het in die zin lastiger om bepaalde signalen op te vangen, waardoor het eerder kan gebeuren dat iemand zijn ontslag niet ziet aankomen. Tegelijkertijd kan worden verondersteld dat het schaamte-risico ook afzwakt. De reden voor ontslag valt immers minder aan het individu, maar eerder aan de corona-context toe te wijzen.

Schaamte voedt stilte

Je bent ontslagen en je verzwijgt dit tegen familie of vrienden. Of: jij en je collega’s ervaren wel (extreme) werkdruk, maar spreken dit niet uit naar het management toe. “De belangrijkste indicator van schaamte is niet wat gezegd wordt, maar wat er niet gezegd wordt” (Nauta, 2021, 161).


“Je schamen over de aard van je job is één,
geen weg kunnen met gevoelens over de werkdruk binnen je job is twee.”

Resultaten uit de participatiebarometer 2021 (een initiatief van SD Worx, AMS en Jobat) leren ons dat thema’s waarover werknemers vaak zwijgen een grote gelijkenis vertonen met typische schaamte-thema’s. Werkdruk wordt in het onderzoek bijvoorbeeld niet enkel gesignaleerd als mogelijke oorzaak van stilte (genre: ‘ik heb geen tijd om mijn mening te geven en als ik dat al zou doen, wie zou er tijd hebben om met mijn ideeën aan de slag te gaan’), maar ook als (gevoelig) thema zelf waarover gezwegen wordt (De Prins, 2021).

Schaamte doorbreken

“Nooit meer doen alsof” (Nauta, 2021), zo luidt het devies van een Nederlands boek over schaamte. De auteur roept op om van schaamte net een kracht te maken. Om schaamte te accepteren, aan te wenden om persoonlijk te groeien of om te emanciperen.

Acceptatie versnelt wanneer schaamte kan worden benoemd. In die zin zijn de nieuwe ‘shaming’ concepten handig om schaamtegevoelens bespreekbaar te maken. Het gevolg hiervan kan een bepaalde individuele groei-actie zijn. Ik schaam mij niet langer voor mijn ontslag, maar ik zie er een nieuwe loopbaanopportuniteit in.

Als de reden van schaamte niet bij jezelf ligt, maar in de context, kan ook ‘emancipatie’ de ambitie zijn om – naar analogie met ‘body positivity’ – te pleiten voor meer ‘job positivity’ in de organisatie en op de arbeidsmarkt. HR, management en/of sociale partners die acties nemen om jobs met klassiek lage status te (her)waarderen en positief in de kijker te zetten. Werknemers die zelf trots zijn op hun job, ondanks de negatieve bijklank van hun functietitel in de buitenwereld. En klanten die het onzichtbaar personeel zichtbaar maken, door simpelweg een vriendelijk woord of een blijk van appreciatie te geven.

Conclusie

‘Schaamte op de werkvloer kent vele (toxische) gezichten’: kan zonder meer bevestigd worden.


Bibliografie

  • De Prins, P. & Stuer, D. (2020). Bullshit jobs: bestaan ze echt? Tijdschrift voor Arbeidsvraagstukken, (36) 3, 242-260.
  • De Prins, P. (2021). Employee silence: waarom en waarover zwijgen we op het werk? Resultaten van de Participatie-barometer 2021. AMS-whitepaper.
  • Hesketh, I., Cooper, C. L., & Ivy, J. (2015). Leaveism andWork-Lifee Integration: The Thinning Blue Line?. Policing: A Journal of Policy and Practice, 9(2), 183-194.
  • Nauta, A. (2021). Nooit meer doen alsof. Denk je schaamte om en maak het een kracht. Amsterdam: Maven Publishing BV.
  • Van Eersel, J. H. W., Taris, T. W., & Boelen, P. A. (2019). Development and initial validation of the Job Loss Grief Scale. Anxiety, Stress, and Coping, 32(4), 428-4

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen