De impliciete of expliciete veronderstelling dat vooral investeringen in technologische vernieuwing productiviteitswinst opleveren, moet minstens gerelativeerd worden. Twee Californische economieprofessoren onderzochten het verband tussen productiviteitswinsten in de jaren 1990 en verschillende determinanten. Sandra Black (University of California) en Lisa Lynch (Tufts University) stellen dat productiviteitstijgingen evenzeer beïnvloed worden door innovatieve praktijken op de werkplek, die niet noodzakelijk verbonden zijn met investeringen in technologie. Als voorbeeld vermelden ze de toepassing van ideeën afkomstig van ‘gewone’ medewerkers, jobrotatie, het delen van functies en het verbinden van beloning met prestaties. Prestatiemanagement en HRM, dus.
Op basis van hun onderzoek concluderen Black en Lynch dat voor de bestudeerde periode de vernieuwende werkplekpraktijken een verklaring bieden voor 89% van de ‘multifactor-productiviteit’ in de industrie. Het komt er op neer dat meer efficiëntie en hogere productiviteit vooral bereikt worden door het combineren van mensen en machines, met gebruikmaking van technologie, processen en management. Overigens maakt volgens Black en Lynch de technologie het gemakkelijker voor HRM en management in het algemeen om vernieuwing op de werkplek steeds verder door te drijven.