Advertisement
< Terug naar overzicht

Discriminatie wegens syndicale overtuiging: ook voor niet-vakbondsleden?

Een (kandidaat-)werknemer die geen lid was van een vakbond, kan wel degelijk worden gediscrimineerd op basis van zijn syndicale overtuiging. Zo oordeelde het Arbeidshof van Brussel, waardoor het een vonnis van de Nederlandstalige arbeidsrechtbank Brussel grondig heeft hervormd.

Tijdens een eerste sollicitatiegesprek dreigde een sollicitant een beroep te doen op een vakbond om zijn rechten af te dwingen. Na dit gesprek besloot de onderneming hem niet aan te werven. Toen de sollicitant informeerde naar de reden hiervoor, liet de onderneming per e-mail weten dat de harmonie van de groep primordiaal was en dat machtsverhoudingen uitproberen door meteen over syndicaten te praten, niets goeds voorspelde voor een goede samenwerking.
Op basis hiervan meende de sollicitant dat hij niet werd aangeworven omwille van zijn syndicale overtuiging en vorderde hij een vergoeding wegens discriminatie op grond van de Antidiscriminatiewet. Die wet verbiedt om in het aanwervingsproces een direct of indirect onderscheid te maken op grond van syndicale overtuiging, dat niet kan worden gerechtvaardigd.

De rechter in eerste aanleg oordeelde dat het hebben van een ‘syndicale overtuiging’ geen puur interne beleving is die zich louter in het hoofd van een persoon kan afspelen, maar dat deze moet worden veruitwendigd via lidmaatschap van of activiteiten verricht binnen een vakbond, feiten waarvan derden kennis kunnen hebben en die hen dus zouden kunnen motiveren om te discrimineren.

Hieruit volgde volgens de arbeidsrechtbank dat een persoon die tijdens een gesprek suggereert dat hij zich in de toekomst zal laten bijstaan door een vakbond, maar die op dat moment geen lid is van enige vakorganisatie, niet kan worden gediscrimineerd op basis van zijn syndicale overtuiging. Daartoe is minstens lidmaatschap van een vakbond vereist. Gezien de sollicitant niet stelde dat hij lid was van een vakorganisatie en dit evenmin bewees, kon er dan ook geen sprake zijn van discriminatie op basis van syndicale overtuiging en werd zijn vordering afgewezen als ongegrond.
Daarop tekende de sollicitant beroep aan op basis van het feit dat hij wel lid zou zijn geweest van een vakorganisatie.

Anders dan de rechter in eerste aanleg, oordeelde het Arbeidshof dat het lidmaatschap van een vakbond geen noodzakelijke vereiste is om te kunnen besluiten tot discriminatie op basis van syndicale overtuiging.
Verwijzend naar rechtspraak van het Grondwettelijk Hof en rechtsleer, stelde het dat het begrip ‘syndicale overtuiging’ niet alleen betrekking heeft op lidmaatschap van een vakbond, maar ook op de syndicale overtuiging en de syndicale activiteit, waarvan de bijstand van een vakbond deel uitmaakt. Het Hof gaf hiermee duidelijk een ruimere invulling aan het beschermend criterium dan de rechter in eerste aanleg.

Doordat in een e-mail van de onderneming werd vermeld dat de verwijzing naar de bijstand van een vakbond als nefast voor de goede samenwerking werd beschouwd, was er volgens het Arbeidshof minstens een vermoeden van discriminatie, in welk geval het aan de onderneming was om dit te weerleggen. Het Arbeidshof oordeelde dat de onderneming geen enkel argument aanhaalde om de discriminatie te rechtvaardigen.
Het benadrukte verder het belang en de rechtmatigheid van de syndicale bijstand in de arbeidsverhoudingen. Het erkende dat het beroep doen op bijstand door een syndicale organisatie weliswaar steeds een zeker revendicatief (protest) aspect zal hebben, maar dat dit ook de kans biedt op overleg, wat volgens het Arbeidshof zeker relevant was in het kader van een verwachte bespreking van de arbeidsvoorwaarden.
Bijgevolg kende het Hof de sollicitant een schadevergoeding van zes maanden loon toe op basis van een schending van de discriminatiewetgeving.
Het arrest is belangrijk omdat er een ruime interpretatie wordt gegeven aan het criterium ‘syndicale overtuiging’, waardoor het duidelijk is dat het lidmaatschap van een vakbond niet noodzakelijk is om te kunnen worden gediscrimineerd op basis van dit criterium.

Arbh. Brussel 19 juni 2018, AR nr. 2017/AB/448

Julie Devos
Advocaat
Claeys & Engels

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen