< Terug naar overzicht

Neem ontslagmotivatie toch maar ernstig!

De verplichting om het ontslag te motiveren in het kader van de collectieve arbeidsovereenkomst 109 houdt wel meer HR-managers in de ban. De arbeidsrechtbank van Antwerpen zette voor deze materie nogmaals de puntjes op de i.

Over de kwaliteit van het verrichte werk waren beide partijen het al tijdens de uitvoering van de arbeidsovereenkomst oneens. De werknemer was van oordeel dat hij mooie resultaten had geboekt en in aanmerking moest komen voor een loonsverhoging. De werkgever daarentegen verweet de werknemer een ongestructureerde en inefficiënte werkhouding en weigerde een loonsverhoging.

De arbeidsovereenkomst van de werknemer werd uiteindelijk op 26 oktober 2016 - kort na het eerste jaar van de tewerkstelling - met onmiddellijke ingang beëindigd zonder opgave van de reden voor het ontslag. Op het C4-werkloosheidsbewijs werd vermeld: ‘onvoldoende match met de vereisten van de functie’.

De werknemer vroeg de werkgever binnen de wettelijke termijn via aangetekend schrijven om haar de concrete ontslagredenen mee te delen. De werkgever beantwoordde deze brief heel summier als volgt: “Op het C4-werkloosheidsbewijs dat u op 08/11/2016 werd toegestuurd, vindt u onder deel C ‘juiste oorzaak van de werkloosheid’ de redenen die tot uw ontslag hebben geleid, namelijk ‘onvoldoende match met de vereisten van de functie’”.

De werknemer stelde - na een vruchteloze poging om hun meningsverschil minnelijk te regelen - een rechtsvordering in bij de arbeidsrechtbank van Antwerpen. De werknemer vorderde onder meer een forfaitaire vergoeding gelijk aan twee weken loon wegens niet-naleving van de motivatieplicht en een vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag.

Hoewel de werkgever tijdig had gereageerd op het verzoek van de werknemer oordeelde de arbeidsrechtbank in eerste instantie dat de werknemer aanspraak kon maken op de burgerlijke boete wegens niet naleving van de motivatieplicht. De toelichting die werd verstrekt door de werkgever bleef immers te vaag, waardoor de werknemer niet in staat was de redenen te kennen die tot het ontslag hadden geleid. Tevens oordeelde de arbeidsrechtbank dat het C4-formulier niet in aanmerking komt als mededeling van de concrete ontslagredenen omdat het niet bestemd is voor de werknemer maar voor de RVA, zodat een verwijzing naar het C4-formulier niet voldoet aan de motiveringsplicht.

Verder oordeelde de arbeidsrechtbank dat de vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag in dit geval eveneens verschuldigd was.

Bij gebrek aan naleving van de motivatieplicht was de werkgever in het kader van de procedure genoodzaakt het bewijs te leveren over de redenen die hem hebben bewogen tot ontslag. De concrete, vaak tegenstrijdige, invulling die in het kader van de procedure aan de vage ontslagreden werd gegeven, kon de arbeidsrechtbank niet overtuigen. Het gebrek aan objectieve stavingstukken was in dit dossier doorslaggevend.
Indien een ontslag gevolgd wordt door een vraag tot motivering, springt men dus best voorzichtig om met de manier waarop de motivatiebrief wordt opgesteld.

Arbrb. Antwerpen 24 april 2019, A.R. 17/3606/A

Simon Albers
Medewerker
Claeys & Engels

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen