< Terug naar overzicht

Rechtvaardigt weigering mondmasker te dragen (altijd) een ontslag om dringende reden?

Wanneer een werknemer een ernstige tekortkoming begaat die elke verdere professionele samenwerking onmiddellijk en definitief onmogelijk maakt, kan de werkgever hem ontslaan om dringende reden. Het hierna besproken vonnis van de arbeidsrechtbank Antwerpen, afdeling Hasselt beoordeelt het ontslag om dringende reden van een beschermde werknemer dat deels gesteund was op de herhaaldelijke weigering van het dragen van een mondmasker.

De werknemer was al enkele jaren actief in een voedingsbedrijf en werd begin dit jaar voorgedragen als kandidaat-personeelsafgevaardigde voor het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk voor de sociale verkiezingen van 2020. De werkgever leidde de ontslagprocedure in om de beschermde werknemer om dringende reden te kunnen ontslaan omdat de werknemer enerzijds vernielingen had aangebracht op de werkvloer en anderzijds omdat hij herhaaldelijk had geweigerd een mondmasker te dragen op de werkvloer. Beide elementen werden door de rechter afzonderlijk beoordeeld.

Met betrekking tot de weigering om een mondmasker te dragen, erkent de arbeidsrechtbank uitdrukkelijk dat deze feiten een dringende reden uitmaken. De rechtbank houdt er rekening mee dat de covid-19 pandemie ook België heel zwaar getroffen heeft, zodat van iedereen ernstige inspanningen worden gevraagd om de pandemie in te dijken. Volgens de rechtbank is het dan ook onbegrijpelijk dat de werknemer in de gegeven omstandigheden het dragen van mondmaskers ter discussie heeft gesteld en zelfs geweigerd heeft, waardoor hij niet alleen zijn eigen veiligheid maar ook die van collega’s in gevaar heeft gebracht.

Deze erkenning als dringende reden moet evenwel worden genuanceerd, omdat de rechter houdt met de volgende bijzondere omstandigheden.

- De werkgever is actief is in de voedselverwerkende nijverheid en was – naar het oordeel van de rechtbank – bijgevolg gerechtigd om strenge hygiëne- en veiligheidsvoorschriften op te leggen, niet alleen in het belang van de werknemers onderling, maar ook van de consument.
- De bepalingen in het arbeidsreglement inzake het niet respecteren van de hygiëne- en (voedsel)veiligheidsregels zijn duidelijk.
- De werknemer was kandidaat-werknemersafgevaardigde voor het CPBW.

Hoewel dit vonnis een belangrijk signaal geeft, moet omzichtig worden omgesprongen met een al te vlugge veralgemening. Ieder ontslag om dringende reden wordt immers afzonderlijk beoordeeld en de conclusies variëren volgens de bijzondere omstandigheden.

Zo gaat het bijvoorbeeld niet op om zonder meer ieder alleenstaand feit waarbij een werknemer de verplichting om een mondmasker niet respecteert, als een dringende reden te beschouwen. Een herhaaldelijke vergetelheid is bovendien niet gelijk aan een herhaaldelijke weigering. Evenmin mag het essentieel element van het bewijs van de tekortkoming niet uit het oog worden verloren. In voorkomend geval slaagde de werkgever er in om aan de hand van getuigenverklaringen en intern mailverkeer, de herhaaldelijke weigering aan te tonen.

Een werkgever doet er dan ook goed aan om duidelijk regels uit te vaardigen m.b.t. het dragen van een mondmasker, alsook eventuele tekortkomingen of weigeringen te registeren en desgevallend de werknemer in kwestie voorafgaandelijk én schriftelijk in gebreke te stellen.

Arbrb. Antwerpen, afd. Hasselt, 8 juli 2020, AR. 20/521/A

Kenny Decruyenaere
Medewerker Claeys & Engels

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen