< Terug naar overzicht

Terugvorderen van te veel betaald loon? Ga ook langs de RSZ!

Wanneer een werkgever te veel loon uitbetaalt aan een werknemer, is het niet altijd evident om het te veel betaalde bedrag terug te krijgen. Veel werknemers zijn te goeder trouw en betalen onmiddellijk de niet verschuldigde som terug. Anderen daarentegen bieden wat meer weerwerk. Hoe pakt u het aan?

Een werkgever kan niet zomaar het geld dat te veel betaald werd inhouden van het volgende loon. Dit betekent dat hij in sommige gevallen naar de arbeidsrechtbank moet trekken om het onverschuldigde loon terug te vorderen van de werknemer. Het hierna besproken arrest van het Hof van Cassatie behandelt de vraag of de werkgever het volledige brutoloon van de werknemer kan terugvorderen, dan wel enkel het nettoloon.
Wanneer de werkgever een bepaald brutoloon aan de werknemer verschuldigd is, ontvangt de werknemer nooit het volledige brutobedrag. Het brutoloon wordt immers verminderd door de bedrijfsvoorheffing en ook de werknemersbijdragen voor de sociale zekerheid worden in mindering gebracht.
De vraag die iedere werkgever zich stelt wanneer hij een teveel heeft betaald, is welk bedrag hij van de werknemer kan terugvorderen. Moet de werknemer ook instaan voor de ingehouden bedrijfsvoorheffing en socialezekerheidsbijdragen of moet de werkgever zich hiervoor richten tot de bevoegde instanties?
Het Hof van Cassatie maakt een onderscheid tussen de bedrijfsvoorheffing en de socialezekerheidsbijdragen.
Met betrekking tot de bedrijfsvoorheffing, oordeelt het Hof op basis van het Wetboek van Inkomstenbelastingen dat de bedrijfsvoorheffing deel uitmaakt van het aan de werknemer verschuldigde loon, dat door de werkgever wordt ingehouden en in de vorm van voorschotten aan de belastingdienst wordt betaald. Deze voorschotten moeten in mindering worden gebracht van de toekomstige personenbelasting van de werknemer. In het geval dat er uiteindelijk een overschot is, wordt dit overschot aan de werknemer terugbetaald. Hieruit leidt het Hof van Cassatie af dat wanneer een werknemer onverschuldigde bezoldiging moet terugbetalen, deze terugbetaling niet alleen betrekking heeft op het ontvangen nettoloon, maar ook op de hiermee verbonden bedrijfsvoorheffing.
Anders is het voor de socialezekerheidsbijdragen, waarvoor het Hof van Cassatie de mosterd haalt bij de RSZ-wet.
In de RSZ-wet valt vooreerst te lezen dat de werkgever het bedrag van de niet-tijdig ingehouden socialezekerheidsbijdragen niet op de werknemer kan verhalen. Voorts stelt de RSZ-wet dat de vorderingen tussen werkgevers en de RSZ, precies met betrekking tot de terugvordering van ten onrechte betaalde bijdragen, na drie jaar verjaren. Hieruit leidt het Hof van Cassatie af dat de terugvordering van de ten onrechte door de werkgever betaalde socialezekerheidsbijdragen alleen door de werkgever kan gebeuren en dit enkel tegenover de RSZ.
Dus is het Hof van Cassatie van oordeel dat wanneer een werknemer verplicht is onverschuldigd loon terug te betalen, de terugbetaling geen betrekking kan hebben op de socialezekerheidsbijdragen die in hoofde van de werknemer werden ingehouden.
Samengevat: wanneer er dus sprake is van de betaling van onverschuldigd loon aan een werknemer, dan kan de werkgever van de werknemer enkel het te veel betaalde nettoloon terugeisen, samen met de hieraan gekoppelde bedrijfsvoorheffing. Voor de terugvordering van de socialezekerheidsbijdragen die op het brutoloon werden ingehouden, moet de werkgever zich richten tot de RSZ.

Cass. 16 september 2019, AR. S.17.0079.F, www.juridat.be

Kenny Decruyenaere, advocaat-medewerker Claeys & Engels

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen