De bonden vinden onder meer dat er geld moet gaan naar het behoud en onderhoud van de bestaande infrastructuur voor er in nieuwe projecten wordt geïnvesteerd. Het aantal banen zou dalen van 41.142 tot 39.112. De Spoorwegen zelf spreken van 1.200 tot 1.300 natuurlijke afvloeiingen. De bonden ergeren zich ook mateloos aan de beperkte informatie die de directie hen doorspeelt, nu ze niet meer in de raad van bestuur zetelen. Ze vrezen ook dat de regering spoorbaas Karel Vinck de mond heeft gesnoerd tot na de verkiezingen.