Er zijn ook meer thuiswerkers in de publieke sector (25,8 procent) dan in de privésector (16 procent van de bedienden en 1,8 procent van de arbeiders). Er is ook een verschil tussen diensten (16,1 procent) en industrie (8 procent).
Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest kent het grootste aandeel thuiswerkers (17,3 procent), gevolgd door Vlaanderen (14,1 procent) en Wallonië (13,2 procent).
Bron: De Morgen