Opvallend is dat bij werknemers die jonger zijn dan 30 jaar, de hoogte van het loon, de relatie met de collega’s en het evenwicht tussen werk en privé-leven meer van belang zijn dan bij oudere werknemers. Ze verbinden aan het belang van die factoren een score tussen 8,5 en 8,6 op 10, bij 50-plussers ligt dat op maximaal 8,2 (relatie collega’s). Bij oudere werknemers draait het om de verantwoordelijkheden die ze dragen in de job (8,3), meer dan om alle andere aspecten van het werk. Bij de jongeren is deze factor het minst doorslaggevend.
Eén op drie 55-plussers (33%) geeft het werk voorrang op het privé-leven, tegenover één op zes (15%) bij de jongeren. De ontevredenheid van oudere personeelsleden tast hun plichtsbesef niet aan. Er is nood aan een leeftijdsbewust personeelsbeleid, besluiten de onderzoekers.