Blijkt dat mannen zich over het algemeen beter voelen op het werk dan vrouwen (score 80,74 tegenover 76,92). Volgens sector scoort de voedingsproductie het best (88,2) en de machinebouw het slechtst (59,48). De score van de machinebouw is bijzonder laag, als men in aanmerking neemt dat de “tweede slechtste” sector – meubelproductie – toch nog 73,93 haalt.
Een behoorlijk welzijnsgevoel heerst voorts in de horeca (83,32), de bouw (83,45), de houtindustrie (83,39) en de auto-industrie (87,51). De gezondheidszorg zit dan weer eerder in de staart van het peloton, met een score van 75,44.