Even 200 jaar terugspoelen: het verschijnen van de eerste automatische weefgetouwen zorgde voor grote beroering bij de weversgilden. Nochtans heeft die nieuwe technologie geleid tot een grote bloeiperiode in de textielnijverheid.
Anno 2014: nieuwe technologische evoluties (de disruptieve economie 4.0) zorgen voor grote onzekerheden. Maakindustrie verdwijnt in snel tempo, highschool drop-outs starten succesvolle bedrijfjes.
Schoolverlaters zijn slecht voorbereid op de arbeidsmarkt, oudere werknemers verliezen hun vertrouwde bakens. Hoge loonkosten veroorzaken productiviteitsdruk, vastgeroeste baremieke verloningssystemen benadelen werknemers. Vergrijzing gaat hand in hand met toenemend langdurig verzuim in een stagnerende economie…
In een dergelijk kader is het hanteren van oude paradigmata zinloos en contraproductief. Werknemers die alle heil van een werkgever verwachten, zijn even naïef als werkgevers die geloven dat enkele eenvoudige ingrepen of investeringen de problemen oplossen.
Niet ‘panklaar’
In een moderne onderneming zijn medewerkers gezamenlijk verantwoordelijk voor de creatie van meerwaarde ten behoeve van de markt en hun cliënteel. Ze zijn dus ook samen verantwoordelijk voor de juiste omstandigheden om dat doel te bereiken. Dit geldt voor alle domeinen, en ook voor de competenties en attitudes van alle medewerkers.
Technische competenties zijn een conditio sine qua non. Hierin niet investeren, is zijn klanten bedriegen. Attitude is een andere belangrijke factor. Schoolverlaters worden niet ‘panklaar’ aangeboden, en nog liefst naadloos passend bij cultuur en waarden van het bedrijf. Specifieke opleidingen, in-house training, maar vooral ook formele en informele begeleidingssystemen (zoals peterschap) kunnen hierbij een belangrijke rol spelen. Investeringen die zich dubbel en dik laten terugverdienen.
Vitaliteit
Net zoals ‘de schoolverlater’ niet bestaat, bestaat ook ‘de oudere werknemer’ niet. Vitaliteit speelt hier een hoofdrol. Fysiek, maar ook mentaal. Schep tijdens de loopbaan de mogelijkheden om creatief te blijven, zorg voor goede werkomstandigheden, ondersteun vitaliteit en de inspanningen voor ‘levenslang leren’ komen vanzelf.