Tussen het schooljaar 2007-2008 en het schooljaar 2011-2012 daalde het aantal jongeren dat dergelijk onderwijstype volgt in Vlaanderen van 5385 naar 4260, goed voor een daling met ruim een vijfde. Het voorbije schooljaar nam het aantal leermeisjes en -jongens met 6,1 procent af ten opzichte van het schooljaar daarvoor.
Terwijl heel wat kmo’s dringend leerjongens nodig hebben. “Zij zijn op zoek naar mensen die het vak ten gronde willen leren. Op termijn hopen vele van die werkgevers de leerjongere na de leertijd een vaste betrekking te kunnen aanbieden. Maar er dienen zich dus te weinig kandidaten aan”, aldus NSZ.
Uitval
De dalende instroom heeft in hoofdzaak te maken met het negatieve imago. Nochtans heeft een goed opgeleide ‘stielman’ veel meer kansen op de arbeidsmarkt dan iemand die enkel een ASO-diploma op zak heeft. 85 procent van de jongeren die zo’n opleidingstraject hebben gevolgd, hebben, zelfs in crisistijden, binnen het jaar een vaste job. Bovendien gaat binnen de vijf jaar 18 procent van de leerjongens en -meisjes als zelfstandige aan de slag.
Naast de dalende instroom is er ook het probleem van de stijgende uitstroom. 30 procent van de leerjongeren die vroegtijdig stoppen, geven er reeds de brui aan tijdens de eerste drie maanden van hun leertijd.
Tweedekansonderwijs
Het tweedekansonderwijs zit dan weer in de lift en ziet het aantal leerlingen met de helft stijgen. Vorig jaar schreven zo’n 500 studenten zich in voor het tweedekansonderwijs, dat is de helft meer dan het jaar voordien.
Via het tweedekansonderwijs kunnen jongeren die de middelbare school verlieten zonder diploma alsnog hun diploma halen. Een ander alternatief is de examencommissie.
In Limburg starten twee proefprojecten waarbij je met behoud van de werkloosheidsuitkering intussen zowel een diploma secundair onderwijs behalen als een opleiding volgen via het tweedekansonderwijs.
Bron: De Morgen/Het Belang van Limburg