De arbeidsrechtbank van Gent, afdeling Ieper sprak zich op 10 maart 2026 uit over een ontslag om dringende reden omwille van het nemen van onbetaald verlof zonder formele aanvraag of goedkeuring door de werkgever.
Feiten
De werknemer was sinds 1 september 2023 in dienst als technisch verkoper buitendienst op basis van opeenvolgende arbeidsovereenkomsten van bepaalde duur, lopend tot 31 augustus 2024.
De werknemer nam van 7 tot 13 augustus 2024 onbetaald verlof zonder formele aanvraag of goedkeuring door de werkgever, ondanks de duidelijke en strikte interne verlofprocedures. Toen de werkgever hem opbelde om zijn afwezigheid te rechtvaardigen, bevestigde de werknemer dat hij op vakantie was in het buitenland. Bovendien tankte hij er met zijn bedrijfswagen, hoewel dit uitdrukkelijk verboden was volgens de overeenkomst voor het gebruik van de bedrijfswagen.
De werkgever beëindigde om deze redenen de arbeidsovereenkomst om dringende reden.
De werknemer ging hiermee niet akkoord, stapte naar de rechter en maakte aanspraak op de verbrekingsvergoeding, een pro rata eindejaarspremie en feestdagenloon voor Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaart op 15 augustus.
Beslissing van de arbeidsrechtbank
Opdat er sprake kan zijn van een dringende reden moet er aan drie voorwaarden zijn voldaan: (1) er moet sprake zijn van een ernstige tekortkoming; (2) die elke professionele samenwerking onmogelijk maakt; (3) en dit onmiddellijk en definitief.
De arbeidsrechtbank oordeelde dat de werknemer de interne verlofprocedure niet had gevolgd. Die procedure stond nochtans duidelijk uitgelegd op het intranet van de werkgever en de arbeidsovereenkomst van de werknemer verwees er expliciet naar. De werkgever herinnerde de werknemer er bovendien meermaals aan via e-mail om verlofaanvragen tijdig door te geven en daarbij de interne procedure te volgen. De leidinggevende ontkende uitdrukkelijk de bewering van de werknemer dat hij toestemming om dit verlof te nemen, zou hebben gegeven.
Gelet op deze feiten, beschouwde de arbeidsrechtbank dit minstens als een ernstige nonchalance in hoofde van de werknemer, versterkt door het ongeoorloofd tanken in het buitenland met de bedrijfswagen en eerdere tekortkomingen inzake rapportering. Gezien het formalistische en strikt gehandhaafde verlofkader bij de werkgever, kon deze gedraging redelijkerwijze worden beschouwd als een ernstige tekortkoming die de samenwerking onmiddellijk en definitief onmogelijk maakte.
Tot slot merkte de arbeidsrechtbank op dat waarschijnlijk niet iedere werkgever in dezelfde omstandigheden de samenwerking met de werknemer om dringende reden zou hebben beëindigd, temeer daar de arbeidsovereenkomst van de werknemer hoe dan ook een einde zou nemen in de twee weken nadien. Dit neemt niet weg dat de beslissing van de werkgever om hiervoor een ontslag om dringende reden door te voeren in overeenstemming is met artikel 35 van de Arbeidsovereenkomstenwet.
De vorderingen van de werknemer tot betaling van een opzeggingsvergoeding, pro rata eindejaarspremie en feestdagenloon voor 15 augustus werden bijgevolg ongegrond verklaard.
Key take away
Deze uitspraak toont aan dat een werkgever een dringende reden kan inroepen wanneer een werknemer nonchalant omspringt met duidelijke en strikte verlofprocedures. Onbetaald verlof nemen zonder toestemming vormt in die context een ernstige tekortkoming, zeker wanneer daar bijkomende inbreuken bovenop komen, zoals het tanken in het buitenland in strijd met de overeenkomst voor het gebruik van de bedrijfswagen. Tegelijk geeft de arbeidsrechtbank wel aan dat niet elke werkgever in dezelfde omstandigheden zou zijn overgegaan tot een ontslag om dringende reden, zeker omdat de arbeidsovereenkomst van bepaalde duur hier binnen de twee weken sowieso zou eindigen.
Deze zaak illustreert hoe belangrijk duidelijke interne (verlof)procedures kunnen zijn.
Arbeidsrechtbank Gent (afd. Ieper), 10 oktober 2026, 24/151/A

Maïté Beheydt
Advocaat